METADATA VERZENDEN

Overzicht

Selecteer een metadataset, voer elk item in en voer een metadataverzending uit.
U kunt metadata verzenden met de functie voor documentarchivering. Het tabblad [Data-Invoer] wordt weergegeven in het scherm met verzendinstellingen van de functie voor documentarchivering om metadataverzending mogelijk te maken.
Daarnaast kunnen metadataverzendingen met de functie voor documentarchivering worden uitgevoerd in [Documenthandelingen] in 'Instellingsmodus (webversie)'.
  • In de modus Gegevensinvoer moet u instellingen voor metadata configureren om metadataverzendingen te kunnen uitvoeren.
    Als u een verzending zonder metadata wilt uitvoeren, moet u eerst van de modus Gegevensinvoer naar een andere modus overschakelen.
  • Wanneer metadata-instellingen zijn geconfigureerd of een adres is opgegeven in de modus Gegevensinvoer, is het niet mogelijk over te schakelen naar een andere modus.
  • Voordat u de metadata-instellingen configureert, kunt u adressen in alle beschikbare modi opgeven. Nadat de metadata-instellingen zijn geconfigureerd, kunt u alleen adressen opgeven in modi die zijn toegestaan in de geselecteerde metadata.

Bediening

  1. Tik op het pictogram [Gegevensinvoer] in het [Beginscherm] en vervolgens op de toets [Metadata-invoer] in het actiescherm

    Als een specifieke metadataset als standaardset is opgegeven, gaat u naar stap 3.
    Wanneer geen metadatasets zijn opgeslagen, is metadata-invoer niet beschikbaar. Sla metadata ingesteld in de instellingsmodus (webversie) op voordat u een verzending uitvoert.
  2. Tik op de toets voor de gewenste metadataset

  3. De toetsen van de in de metadataset opgeslagen items worden weergegeven. Tik op de toets van het item dat u wilt invoeren

  4. Tik op de toets voor de waarde die u wilt invoeren en tik op de toets [OK]

    Tik op de toets [Directe invoer] om de metadatawaarde rechtstreeks in te voeren. Tik op de toets [OK] op het aanraaktoetsenbord. U gaat nu terug naar het scherm dat wordt weergegeven in stap 3.
    Wanneer u klaar bent met het invoeren van de instellingen, tikt u op .
    De selectie van metadata-invoer annuleren:
    Tik op de toets [Annuleren].
  5. Configureer de afbeelding of andere instellingen en voer de procedure voor het verzenden van de scan uit

    • Configureer de opdrachtgegevensinstellingen en start de verzending met dezelfde bewerkingen als in andere modi.
    • Als u een adres rechtstreeks invoert, tikt u op [Druk in om bestandsnaam in te voeren] om het scherm weer te geven waarin u een adrestype kunt selecteren. Als het adrestype is geselecteerd, zoals E-mail of Netwerkmap, wordt het invoerscherm voor adrestype getoond.
Terug naar begin