KOPIEERPROCEDURE

Schakel over van het beginscherm of elke modus naar de kopieermodus en voer de onderstaande stappen uit.

Bediening

  1. 2

    Plaats het origineel

    Plaats het origineel in de automatische documentinvoereenheid of op de glasplaat.

  2. 2

    Scan het origineel

    Tik op de toets [Voorbeeld] om het origineel te scannen.

    • Als u een 2-zijdig origineel wilt scannen, configureert u de kopieerinstellingen voor 2-zijdig kopiëren voordat u het origineel gaat scannen.
    • Als u de voorbeeldafbeelding niet wilt controleren, tikt u op de toets [Start] om het kopiëren te starten.
  3. 2

    Controleer de voorbeeldafbeelding

    Controleer de instellingen, zoals voor een 2-zijdige kopie en de nietpositie, op het voorbeeldscherm.

  4. 2

    Start het kopiëren

    Tik op de toets [Start].
    • Als u twee of meer kopieën wilt maken, tikt u op de kopieweergavetoets om een aantal kopieën in te stellen.
    • U kunt het instellen van het aantal kopieën annuleren door op de toets [C] (bij de cijfertoetsen) te tikken.
    • U kunt een kopieeropdracht annuleren door op de toets [Afdrukken annuleren] te tikken.
    • Als u op de toets [Bestand] of [Snelbestand] in het actiescherm tikt voordat u het kopiëren start, kunt u het gescande origineel opslaan als gegevensbestand.
Terug naar begin